R.O.E

1.    Algemeen
Met onderstaande  ROE wordt getracht om, binnen het kader van deze nieuw te ontstane traditie van ons Regiment, helderheid te verschaffen over de DO’s en DON’T’s bij de ontvoering, de verblijfsomstandigheden en de meldingsplicht t.a.v. ons verbindingsspook. U dient zich aan deze ROE te houden. 
Indien de ROE worden overtreden zal het Regimentscommando ingrijpen en zal het verbindingsspook weer in bezit komen van het Regimentcommando, van waaruit een nieuwe start gemaakt kan worden.

2.    Toezicht op de ROE
a.    De Regimentsadjudant en stafadjudanten van de Verbindingsdienst houden toezicht op de juiste uitvoering van de ROE. De uitspraken van deze personen zijn bindend en dienen onvoorwaardelijk te worden uitgevoerd.
b.    De Regimentscommandant en - adjudant zijn gemachtigd het spook, anytime, terug te vorderen zonder opgaaf van redenen.
c.    Het Regimentscommando draagt zorg voor evt. aanpassingen aan de ROE.

3.    Deelnemers
a.    Al het militaire personeel van het Wapen van de Verbindingsdienst, kan deelnemen aan deze nieuwe “traditie”.
 

d.    Verbindelaren die als individu zijn geplaatst, bijvoorbeeld als instr op de KMS, kunnen op individuele basis meedoen, echter indien er zich meer verbindelaren op deze locatie bevinden is het in het kader van saamhorigheid aan te raden dit te doen met de collega verbindelaar welke ook op dezelfde locatie zijn werk verricht.
e.    Personeel dat in het buitenland is geplaatst, inclusief uitzendingen/missies, wordt, gezien de operationele aard en de praktische problemen die kunnen ontstaan, uitgesloten van deelname.

Voorbeelden:
a.    Het C2Ostelm 13 Infbat LMB (Aaslt) kan als eenheid het spook ontvoeren, maar de F van 17 PIB 13 Mechbrig moet dit samen met het C2Ostelm van 17 PIB doen.
b.    2 CISCoy CISBn GNC kan als cie het spook ontvoeren.
c.    Het Vbdpel van het KCT kan het spook ontvoeren.

4.    Voorwaarden ontvoering
a.    De ontvoerder(s) moet(en) van het Wapen van de Verbindingsdienst zijn.
b.    De ontvoering mag geen schade toebrengen aan personeel en aan defensie-
eigendommen.
c.    De ontvoering kan zowel in eigen- als in militaire tijd plaatsvinden. Operationele inzet mag nooit ten kosten gaan van traditiehandhaving.
d.    De ontvoering is pas succesvol als de grenzen van de verbindingslocatie zijn overschreden (denk hierbij aan het gebouw waarin zich een bureau bevind. Men hoeft dus niet van de kazerne af te zijn…).  Is dit niet het geval dan kan het spook worden teruggevorderd door de voormalige eigenaar.
e.    Het spook dient, ongeacht uw enthousiasme, met de nodige respect te worden behandeld. Doe voorzichtig met ons spook, het moet nog een tijdje mee!!!

5.    Locatie eisen
a.    Het spook dient zichtbaar te worden geplaatst op een verbindingslocatie 
(gebouw/bureauruimte).
b.    Het spook mag binnen een straal van 25 meter van de opgegeven locatie (zie 
pt 6.b.) verkassen, maar u dient wel te voldoen aan de overige locatie-eisen.
c.    Het spook mag in geen geval hoger worden geplaatst dan 2 meter van de 
grond.
d.    Tijdens de diensturen mag het spook niet achter slot en grendel worden 
opgeslagen. Na de diensturen en tijdens oefeningen waarbij de gehele eenheid is ingezet, moet het spook zichtbaar worden neergezet in een af te sluiten ruimte, niet zijnde kluis, wapenkamer e.d.
e.    Indien ook maar iemand van de eenheid niet op oefening is, gelden de hierboven genoemde locatie-eisen.

6.    Handelingen bij ontvoering
a.    Eenheid/verbindelaar die het spook kwijtraakt:
(1)    De eenheid die het spook kwijtraakt meldt dit asap, middels een mail, aan de Regimentsadjudant.
(2)    Op de mail wordt de dtg vermeld van vermoedelijke ontvreemding van het spook.
b.    Eenheid/verbindelaar die het spook in bezit krijgt:
(1)    Bij het in bezit komen van het spook dient binnen 1 week een foto van het spook met het personeel, de locatie en het eenheidsteken, digitaal, te worden doorgegeven aan de Regimentsadjudant. Bij individueel geplaatste verbindelaren wordt ook de kazerne en zijn/haar bureauruimte doorgegeven.
(2)    Indien deze gegevens niet worden opgestuurd, zal, in opdracht van het Regimentscommando, het spook terugkeren naar de vorige eigenaar.

7.    Communicatie
Indien, de in pt 6. genoemde handelingen zijn verricht, zal de Regimentsadjudant er zorg voor dragen dat e.e.a. verder wordt gecommuniceerd binnen het Regiment.
Hiervoor zal gebruikt gemaakt worden van de volgende media:
a.    Publicatie op de website www.verbindingsdienst.nl
b.    In voorkomend geval: publicatie in de Intercom en de Connector
c.    Publicatie binnen de SVBDD: publicator en beeldscherm in de hal


Door het Regimentscommando wordt de hoop uitgesproken dat op deze manier een bijdrage kan worden geleverd aan weer een extra stukje Esprit de Corps binnen ons Regiment.
We willen dan ook de bedenker van deze “nieuwe traditie”, de Sgt1 P. Tamboer en de ontwerper van het spook, de Aooi C. Bakkers b.d. hartelijk danken voor hun inzet en hun betrokkenheid bij ons Regiment.


Regimentsadjudant
Regiment Verbindingstroepen